Metselwerk dat in contact staat met de bodem, is onderhevig aan opstijgend vocht of optrekkend vocht. Het is zinloos de sporen van opstijgend vocht te verbergen achter een laag verf, cement of aluminiumfolie. Na enige tijd worden de vochtplekken toch weer zichtbaar, en aan het feitelijke probleem heeft u niets gedaan.

Bij nieuwbouw plaatst men een horizontaal waterdicht membraan op het metselwerk boven de vloerpas en zo wordt de vochtopstijging onderbroken. Het membraan tegen opstijgend vocht herkent u aan de zwarte kleur en zit meestal in de eerste voeg boven uw vloer.
Bij gebouwen ouder dan 35 à 45 jaar is deze vochtkering niet aanwezig of is de vochtkering verstorven. Indien er opstijgend vocht is bij nieuwe gebouwen heeft men waarschijnlijk te maken met een fout in de bouwconstructie.

De enige werkwijze tegen opstijgend vocht is het injecteren zodat men een chemische barrière creëert die vocht geen kans meer geeft.

De werkwijze ziet er als volgt uit: 

Verwijderen aangetaste bezetting
Het aangetaste bezetsel wordt het best verwijdert tot op een hoogte van minstens 20 cm boven het vochtige niveau.

Injecteren
Er worden gaten geboord van 12 mm dikte en dit om de 12 cm. De gaten worden tussen de 5 cm en 10 cm boven het vloerniveau geboord. De gaten worden onder lage druk geïnjecteerd met een vochtwerende gel, deze gel zal verdampen en zo een chemische waterkering realiseren.

Plaatsen noppenfolie of zoutneutraliserende mortel
Afhankelijk van de ondergrond kiezen we voor een mortel, een stijve noppenmembraam of een flexibel vlies zodat er geen schadelijke zouten meer kunnen kristalliseren.

Opnieuw bezetten
Na het plaatsen van de noppenfolie kan er onmiddellijk bezet worden.
Daar wij dit werk zelf uitvoeren hoeft u niet te wachten op onderaannemers.
Dit betekent dat als het werk niet te groot is, alles wordt gerealiseerd in 1 dag.